Hoe als school om te gaan met de nasleep van de aanslagen in Nieuw Zeeland?

Suggesties en lesbrieven voor leerkrachten in (vreedzame) basisscholen

De aanslagen in Christ Church en Linwood, Nieuw Zeeland komen met leraren, leerlingen en ouders de school binnen, zoals het wereldnieuws wel vaker de school binnenkomt. Wij kunnen ons goed voorstellen dat het moeilijk is om hier als school op een pedagogische wijze mee om te gaan. Tegelijkertijd is dat in onze optiek wel nodig. Om verschillende redenen.

Een school die werkt met het programma van De Vreedzame School heeft een duidelijke pedagogische doelstelling: kinderen leren wat het betekent om in een democratische samenleving op te groeien. De aanslagen in Nieuw Zeeland zetten de discussie over de grondwaarden van een democratie op scherp. Het is – hoe verschrikkelijk ook – een gebeurtenis die vraagt om een pedagogische reactie. Het is een uitgelezen kans om met de leerlingen het leven in een democratie te bespreken. Godsdienstvrijheid, vrijheid van meningsuiting.

Een gevolg van de aanslagen kan zijn dat bevolkingsgroepen – ook in ons land – tegenover elkaar komen te staan. Dit raakt de kinderen in onze klassen, zeker in wijken met een deels islamitische bevolking. De school kan daarin wellicht een compenserende bijdrage leveren.

Ook al gebeurde deze aanslag niet in ons eigen land, het geweld is dichtbij gekomen. Voor kinderen in de leeftijd van de basisschool blijven dergelijke gebeurtenissen misschien op afstand, maar toch komen de gevoelens, gedachten en meningen die daarover meestal buiten de school ontstaan, de komende weken op kindervoeten de school in.

In uw groep zitten misschien:

  • Leerlingen met een islamitische achtergrond die zich zorgen maken en bang zijn voor hun veiligheid. De meeste aanslagen tot nu toe waren gericht tegen een brede groep(en). De aanslagen in Nieuw Zeeland richtten zich specifiek op moslims;
  • leerlingen die zelf veel geweld hebben meegemaakt en bij wie het korstje op hun wonden weer wordt open gekrabd;
  • leerlingen uit gezinnen waarvan de ouders zulke traumatische ervaringen hebben opgedaan;
  • leerlingen met familie en vrienden in de gebieden die nu in oorlog zijn of waar terroristische aanslagen dreigen;
  • leerlingen die door hun geloof en cultuur op de een of andere manier meer verbonden zijn met de recente gebeurtenissen, en daar thuis nadrukkelijk mee worden geconfronteerd.

Een discussie over de voors en tegens van terreur en oorlogsgeweld is voor hen geen ver-van-mijn- bed-show, maar zou zo maar een bedreigende werkelijkheid kunnen zijn.

En misschien nog wel de belangrijkste reden: we zullen altijd – zeker in opvoeding en onderwijs – een inspanning moeten verrichten om ervoor te zorgen dat onze jeugd zich wil verbinden met deze democratische samenleving. Hoe ingewikkeld de materie ook is, en hoe weinig we ook kunnen veranderen aan de mondiale problemen, wat we wél kunnen doen is onze bijdrage leveren aan die zo noodzakelijke binding van jongeren met onze samenleving.

Het programma van De Vreedzame School is een krachtig instrument om verstandig met conflicten en meningsverschillen in school en klas om te gaan. Onder deze omstandigheden willen wij alle scholen laten delen in de ervaringen die we hieromtrent hebben opgebouwd. In dit katern werken we van algemene naar steeds concretere suggesties. Hieronder eerst een aantal algemene suggesties.

Vervolgens geven we vier uitgeschreven lesbrieven, die ingezet kunnen worden in de klassen.

U vindt hier de lesbrief.

Informatie: http://www.devreedzameschool.nl– Reacties en feedback: devreedzameschool@cedgroep.nl.